Deprecated: Function ereg_replace() is deprecated in /www/htdocs/professo/column.php on line 82
Vermissing en erfrecht

De dramatische gebeurtenissen in Zuid-Oost AziŽ hebben ertoe geleid dat het bestaan van velen onzeker is geworden. Zij worden als 'vermist' te boek gesteld. Ook van talrijke Nederlanders zal vooralsnog onduidelijk blijven hoe het hen is vergaan tijdens hun buitenlandse reis. Eerder maakten wij iets dergelijks in vredestijd mee toen in 1977 de vliegramp op het eiland Tenerife zich voltrok en van ruim 500 Nederlanders het bestaan formeel onzeker werd. Zo lang niet kan worden vastgesteld of iemand is overleden, geldt hij als vermist. Zijn bestaan is 'onzeker', met alle sociale en psychologische ellende van dien, ook al is het voor 99% zeker dat hij bij de ramp het leven heeft gelaten.

Vermissing moet juridisch worden onderscheiden van 'afwezigheid'. Iemand die uit zijn huis vertrokken is, zonder orde op zaken te stellen, is 'afwezig'. Er hoeft vooralsnog geen enkele aanwijzing te zijn dat hij het leven heeft gelaten. Als dat nodig is, kan de rechter een bewindvoerder benoemen om ervoor te zorgen dat het nodige woprdt geregeld. Vertrekken met de noorderzon kan schuldeisers en allerlei andere belanghebbenden in onaanvaardbare onzekerheid brengen.

Juridisch is hier meer aan de hand. Door de dood eindigt iemands huwelijk, zodat hertrouwen mogelijk is, door de dood treedt het erfrecht in werking en door de dood kunnen levensverzekeringen tot uitkering komen. Voorzichtigheid is hier dus geboden. Steeds weer blijkt immers dat er mensen rondlopen die van de gelegenheid misbruik maken om levensverzekeringsuitkeringen en erfenissen op te strijken door samen te spannen met personen die zogenaamd overleden zijn tijdens de ramp. Schandelijker gedrag is nauwelijks denkbaar maar in deze wereld hoeft men zich nergens over te verbazen.

Voor het recht is een vermiste persoon niet dood. Daarvoor is nodig dat er een stoffelijk overschot wordt gevonden dat zich leent voor identificatie. Het erfrecht kan daarop meestal niet wachten. Het leven gaat verder. PotentiŽle erfgenamen hebben dan ook de bevoegdheid aan de rechter te vragen de rechten als erfgenaam te mogen uitoefenen. Hetzelfde geldt voor wat betreft levensverzekeringsuitkeringen. Om te voorkomen dat bij de onverwachte terugkeer van de vermiste diens vermogen blijkt te zijn opgesoupeerd, kan de rechter maatregelen treffen die dat voorkomen.

Als hoofdregel geldt dat na verloop van vijf jaren aan de rechter kan worden verzocht een 'rechtsvermoeden van overlijden' uit te spreken. De rechter roept dan de vermiste op om zich te melden. Wordt taal noch teken vernomen dan wordt vermoed dat de betrokken persoon is overleden en wordt dat aangetekend in de registers van de burgerlijke stand.

Vijf jaar is lang, zeker als volstrekt duidelijk is wat er aan de hand is. Wie in Thailand op vakantie was, hoeft niet in Phuket te zijn geweest toen de golven hun verwoestend werk deden. En wie officieel wel op de plaats des onheils was, kan op de dag zelf een tripje naar Bangkok hebben gemaakt. Maar als een vliegtuig in zee stort zullen passagierslijsten weinig twijfel laten over het lot van de passagiers en hun identiteit. Het overlijden kan vervolgens als vaststaand worden aangemerkt. In die gevallen hoeft de rechter geen 'rechtsvermoeden van overlijden' uit te spreken. Hij kan meteen een 'verklaring van overlijden' afgeven. Juridisch is de zaak dan definitief geregeld Een schrale troost..


Prof. Mr. M.J.A van Mourik
© 12-01-2005

terug print