Deprecated: Function ereg_replace() is deprecated in /www/htdocs/professo/column.php on line 82
Boterbriefje?

Het is vastentijd. Niet dat veel mensen zich daar nog iets aan gelegen laten liggen maar het is en blijft vastentijd. Dat was vroeger een serieuze zaak. Nog slechts enkele decennia geleden werd veertig dagen soberheid betracht met spijs en drank en spaarden kinderen de snoepjes en koekjes op in een vastentrommeltje. Zo beroerd was dat allemaal niet. Zo af en toe de rem er op verrijkt het leven. Maar in deze materialistische tijd verzet reeds de economie zich tegen beperking van de consumptie. Slechts voor zware carnavalsvierders is dit een geschikte periode om het even wat kalmer aan te doen met eten en drinken. Met vasten heeft dat niets te maken wel met een gezond gevoel voor lijfsbehoud.

Tot de Franse Revolutie (eind 18e eeuw dus) had de Kerk in huwelijksaangelegenheden een belangrijke, zo niet doorslaggevende stem. Tot de Reformatie (begin 16e eeuw) was de Kerk zelfs alleenheerser op dit levensbeschouwelijke veld. En dat leidde in de tweede helft van de 15e eeuw tot het ontstaan van een gebruik dat tot op de dag van vandaag zijn sporen nalaat.
Dat zit zo. In de vastentijd was het gebruik van zuivelprodukten niet toegestaan. Voor menige liefhebber van boter, kaas en eieren was dat niet te verteren. En daarop speelde de pastoor handig in door tegen betaling van een som geld een 'boterbriefje' af te geven. Zo'n document verschafte de bevoegdheid ook in de vastentijd zuivelprodukten te consumeren. Het aldus opgehaalde geld werd uiteraard besteed aan een nobel doel maar helaas kwam misbruik allengs ook in ruime mate voor.

De term 'boterbriefje' wordt tot op de dag van vandaag door velen gebruikt teneinde de formaliteit van huwelijkssluiting te bagatelliseren. Alsof bij de ambtenaar van de burgerlijke stand iets gebeurt waarvan de zin betrekkelijk is. Alsof zo'n huwelijksceremonie een beetje poppenkast is met voornamelijk emotionele en symbolische waarde. Trouwens, de reden waarom het huwelijk is opengesteld voor homosexuele koppels is voornamelijk gelegen in de wens tegemoet te komen aan de behoefte aan symboliek.

Ik constateer dat het huwelijk een belangrijke emotionele en symbolische betekenis heeft. Die is vooral gelegen in het publieke karakter van het instituut. Tegenover de samenleving wordt in het openbaar getuigt van de bestaande lotsverbondenheid. Maar het blijft niet bij emotie en symboliek. Van vrijblijvendheid is na de huwelijksvoltrekking geen sprake meer . Er ontstaat een dwingende materėle lotsverbondenheid. Het huwelijk roept een wederzijdse zorgplicht in het leven. Deze geldt niet alleen tijdens het huwelijk maar in principe ook nog een tijdje daarna, in de vorm van alimentatie. Huwelijkse voorwaarden kunnen daaraan niet tornen.

Maar er zijn meer belangrijke gevolgen. Als een kind wordt geboren uit de vrouw, geldt de echtgenoot automatisch als vader. In bepaalde gevallen kan dat vaderschap overigens ontkend worden. Die heikele problematiek laat ik vandaag rusten. Bij ongehuwd samenlevenden is de mannelijke partner van de vrouw niet automatisch de juridische vader. Er dient dan een erkenning plaats te vinden bij de burgerlijke stand. Daarvoor is de toestemming van de vrouw nodig. Deze kan die toestemming echter slechts weigeren als het belang van het kind met de erkenning niet gediend is.

Het belang van het boterbriefje is verder gelegen in het feit dat door de huwelijkssluiting het huwelijksvermogensrecht van toepassing wordt. Dat betekent gemeenschap van goederen, tenzij bij huwelijkse voorwaarden anders wordt overeengekomen. En het houdt ook in dat de echtelijke woning met beschermende bepalingen wordt omgeven. In het algemeen moet door de echtgenoten samen worden beslist over de zaken die woning en inboedel betreffen.

In geval van een huwelijk kan echtscheiding alleen tot stand komen met tussenkomst van de rechter. Die procedure is echter meestal een formaliteit. De problemen ontstaan meestal bij de verdeling van de boedel en bij de vastetelling van de alimentatie.

Tenslotte wijs ik op een belangrijk verschil dat gelegen is in het erfrecht. De langstlevende echtgenoot heeft volgens de wet een sterke positie. De niet-huwerlijkse partner heeft in beguinsel nergens recht op. Die is veelal afhenkelijk van het testament van de ander alsmede van hetgeen in het samenlevingscontract is geregeld.

Boterbriefje? Het lijkt me zinvol om met het huwlijk serieus om te springen. En dat betekent ook dat de gemeente Arnhem en andere gemeenten moeten ophouden met de onzin om vrienden, bekenden en rare kwasten de bevoegdheid te geven een huwelijk te voltrekken. Aan poppenkast is op dit terrein geen behoefte.


Prof. Mr. M.J.A van Mourik
© 17-03-2004

terug print