Deprecated: Function ereg_replace() is deprecated in /www/htdocs/professo/column.php on line 82
De Notaris

Sta mij toe, beste luisteraar, vandaag eens te spreken over het beroep dat ik zelf uitioefen: dat van notaris. Want als u goed opgelet hebt, zal het u duidelijk zijn dat binnen de notariŽle wereld niet alles koek en ei is. En dat houdt ten nauwste samen met het feit dat sinds 1999 het marktdenken ook het notariaat beheerst. In dat jaar trad een nieuwe Wet op het notarisambt in werking die onder meer leidde tot vrije tarieven voor notariŽle diensten.

Al direct hoor ik u zeggen dat het maar goed is dat de prijs van de diensten van een notaris, net als die van accountants, aannemers, advocaten, makelaars en rijwielherstellers is onderworpen aan de wet van vraag en aanbod op de markt. Begrijpelijk is ook dat u de indruk hebt dat u als consument daar beter van wordt. Terecht merkt u op dat het in deze tijd niet meer past dat de beroepsorganisatie van notarissen zelf de tarieven vaststelt. Al te gemakkelijk leidt dat tot ongerechtvaardigde verrijking. Tot zover zijn wij het eens. Wat is dan het probleem?

Welnu, anders dan de advocaat en de accountant - om maar eens twee vrije beroepbeoefenaren te noemen - oefent de notaris als zodanig geen vrij beroep uit maar een ambt. Zijn bezigheden worden dan ook geregeld in de Wet op het notarisambt en niet in de Notariswet. Het feit dat van een ambt sprake is, houdt in dat een deel van de staatstaak wordt vervuld. De notaris heeft in ons land en in vele andere Europese landen een taak op het gebied van de ordening van de samenleving. In belangrijke mate bestaat die taak in het verschaffen van rechtszekerheid.

Deze publieke taak kan niet zomaar aan iedereen worden overgelaten. Daarvoor is ten minste nodig dat de benoeming met waarborgen is omringd en dat de functionaris onpartijdig en onafhankelijk is. Van een advocaat en een makelaar mag dat niet worden verlangd. Het ambtelijke element weegt in de wet zwaar en komt tot uitdrukking in:

  • de benoeming bij Koninklijk Besluit;
  • een dienstverleningsplicht
  • een dienstweigeringsplicht, in bepaalde omstandigheden;
  • een verplichte pensionering op 65-jarige leeftijd;
  • een geheimhoudingsplicht;
  • een verschoningsrecht (het recht om er bij de rechter het zwijgen toe te doen als het belang van de client in het geding is); .

Hieruit blijkt reeds dat de notaris niet te vergelijken is met aan accountant, of advocaat of welke andere zogenaamde vrije beroepbeoefenaar dan ook. En daar komt nog bij dat de notaris

  • geen reclame mag maken, anders dan door naamsvermelding;
  • geconfronteerd kan worden met een wettelijk tuchtrecht;
  • een bijzondere rekening moet aanhouden waarop gelden van clienten en andere derden moeten worden gestort zodat zij geen risico lopen in geval van faillissement van de notaris;
  • gevraagd en ongevraagd bezoek kan krijgen van iemand van het Bureau Financieel Toezicht, dat speciaal in het leven is geroepen om de financiŽle handel en wandel van de notarissen te controleren.

De notaris van deze tijd lijkt aldus weinig op een ondernemer. Niettemin wordt hij door de wetgever gedwongen tot koehandel over prijzen en tot slijmerig gedrag tegenover Ďtoeleveranciersí of Ďverwijzersí, zoals banken, accountants, makelaars en onroerend goedhandelaren. Vooral de afhankelijkheid van de toeleveranciers en de verwijzers houdt het grote gevaar in dat de onafhankelijkheid in de knel komt. En dus loopt de client in toenemende mate het risico dat niet zijn belang primair wordt gediend maar dat van de degene wiens brood men ook morgen nog wenst te eten. Achterbakse afspraken worden door notarissen helaas meer dan incidenteel gemaakt.

Nu de tarieven vrij onderhandelbaar zijn, is het notariaat niet meer de vetpot die het vroeger vaak was. Dat is winst, hoe gek het uit mijn mond ook klinkt. Maar omdat het overgrote deel van zijn omzet uit het onroerend goed moet komen, plegen door de notaris tegenwoordig vooral op dat terrein extra wervende inspanningen te worden verricht. De aandacht voor financieel minder interessante zaken, zoals testamenten, boedelafwikkeling,huwelijkse voorwaarden en samenlevingscontracten, komt dan nogal eens in het gedrang. Ook daarmede is de client niet gediend. Hij mag van de notaris een gedegen deskundigheid, ook op terreinen van personen- en familierecht, verwachten.

De notaris is geen marktgerichte ondernemer en mag dat ook nooit worden. Er is al genoeg ellende in de commerciŽle wereld. Het is dan ook de hoogste tijd dat de tarieven van de notaris in de sfeer van het consumenten-onroerend goed door de overheid worden vastgesteld. Het is gÍnant dat de notaris als beoefenaar van een ambt tot koehandel wordt gedwongen. Met een rechter kan ook niet onderhandeld worden over tarieven.

Dat wilde ik even kwijt.



Prof. Mr. M.J.A van Mourik
© 16-06-2004

terug print