Deprecated: Function ereg_replace() is deprecated in /www/htdocs/professo/column.php on line 82
Erfrecht en DNA

In vroeger tijden was de wereld veel overzichtelijker dan thans het geval is. Dat gold in het bijzonder als gezocht werd naar het aantal afstammelingen dat een man naliet. Ik zeg 'man', omdat het ten aanzien van de vrouw tot op de dag van vandaag weinig vragen in dit verband rijzen. Weliswaar maken voortplantingstechnieken het mogelijk dat de vrouw een kind ter wereld brengt dat genetisch niet van haar afstamt, maar geheimen daaromtrent worden niet gekoesterd. Als moeder geldt degene die het kind ter wereld brengt.

Bij de verwekker ligt dat enigszins anders. Volgens de wet is de man met wie de vrouw tijdens de geboorte van het kind getrouwd was, de vader van het kind. Daarbij wordt er van uit gegaan dat die vader tevens de verwekker is. Maar, zoals wij allen weten, hoeft dat niet zo te zijn. En menige man wordt dan ook een leven lang geteisterd door onzekerheid. Het kind lijkt verdacht veel om een goede vriend van hem of werd geboren op een tijdstip dat hij, in verband met een langdurig verblijf in het buitenland, moeilijk kan verklaren. De man kan dan ook het vaderschap van het door zijn echtgenote ter wereld gebrachte kind ontkennen maar dan moet hij binnen een jaar nadat hij kennis heeft gekregen van het feit dat hij vermoedelijk niet de biologische vader is van het kind, actie ondernemen. In veel gevallen wordt het grote geheim meegenomen in het graf.

Maar ook het kind kan twijfels hebben over zijn of haar afstamming. Ruzie tussen de ouders kan een licht doen opgaan. Maar ook uiterlijk en karaktereigenschappen zouden op bepaalde gedachten kunnen doen komen. Het kind kan het vaderschap ontkennen binnen drie jaar nadat het heeft kennis genomen van het feit dat de man van de moeder vermoedelijk niet de biologische vader (de verwekker) is. Als het kind van het feit kennis krijgt tijdens de minderjarigheid, begint de termijn van drie jaar te lopen bij het bereiken van meerderjarigheid (18 jaar).

Het 'vermoeden' dat de man niet de biologische vader is, houdt de mogelijkheid open dat hij het wel is. Met vermoedens is het moeilijk werken. Zekerheid willen wij hebben! En dat geldt ook als een notaris iemand op bezoek krijgt die graag zou willen mee-erven van een overleden man die, volgens de bezoeker, zijn verwekker is.

Voorop moet worden gesteld dat een enkel biologisch kind volgens de wet geen erfgenaam kan zijn van de verwekker. Uiteraard kan het kind bij testament wel bedacht worden. Maar de wet wil zekerheid omtrent het zijn van kind en die zekerheid wordt gekoppeld aan de inschrijving bij de burgerlijke stand. Biologische afstamming is iets anders dan juridische afstamming. Bij de burgerlijke stand gaat het juridische afstammelingen.

Toch hoeft het enkel biologische kind de moed niet zo snel op te geven. Ook als de verwekker is overleden, kan een poging worden ondernomen het biologisch vaderschap te promoveren tot juridisch vaderschap. Dat kan via een procedure tot 'gerechtelijke vaststelling van het vaderschap'. Zo'n rechter wordt dan gesteund door de hedendaagse mogelijkheid de identiteit van de verwekker via DNA-onderzoek met bijna 100%-zekerheid te kunnen vaststellen. De rechter geeft niet zo maar toestemming tot het verrichten van het onderzoek. De feiten en omstandigheden van het geval zijn beslissend.

Als de vermoedelijke verwekker dood is, kan het voor het DNA-onderzoek nodig zijn dat de grafrust van de verwekker wordt verstoord. Maar wellicht dat nog ergens bloed of ander lichaamsmateriaal van de gestorven persoon te vinden is. Een positief resultaat van het onderzoek zal leiden tot de vaststelling van de overledene ook de juridische vader van het kind is. En dat heeft tot gevolg dat het kind volgens de wet alsnog als erfgenaam optreedt van de gestorven vader. Voor de reeds bekende erfgenamen kan dat een onaangename ervaring zijn.

Bij de afwikkeling van een nalatenschap zal de notaris doorgaans niet vragen of er misschien nog ergens biologische kinderen van de erflater rondlopen. Er zijn grenzen aan de onderzoeksplicht van de notaris. Maar de erfgenamen zelf, doen er in omstandigheden verstandig aan om de notaris in dit opzicht niet in het ongewisse te laten.

Wat heeft de notaris toch een mooi beroep!


Prof. Mr. M.J.A van Mourik
22-09-2004

terug print